Regularisatiebeleid en financiële steun oefenen aanzuigeffect uit op gelukszoekers
Momenteel bevindt zich een recordaantal asielzoekers in de opvangstructuren. Behalve de 19.000 asielzoekers die in open opvangcentra verblijven, zijn er ook nog eens een 1.000-tal ondergebracht in hotels die worden gehuurd door Fedasil. Het afgelopen jaar kregen bovendien ongeveer 3.000 asielzoekers, waarvoor geen opvangplaats beschikbaar was, geen ‘verplichte plaats van inschrijving’ (code 207) toegewezen. Dat betekent dat zij een attest krijgen toegestopt door Fedasil waarmee zij zich tot een OCMW kunnen wenden met het oog op de verkrijging van financiële steun. In de praktijk trekken zij naar de grote steden die de toestroom al lang niet meer kunnen verwerken.
Het opnieuw op grote schaal verlenen van financiële steun aan asielzoekers zet het uitgangspunt van de asielopvangwet van 12 januari 2007, namelijk het beginsel van de materiële opvang van asielzoekers tijdens de volledige duur van de asielprocedure, op losse schroeven. Dit probleem zal aanhouden zolang de instroom van asielzoekers in de opvangcentra groter blijft dan de uitstroom. Wat de uitstroom betreft, is er enerzijds het feit dat de behandeling van asielaanvragen nog steeds veel te lang aansleept – het CGVS heeft een achterstand van 5.000 tot 6.000 dossiers. Bovendien bevinden er zich in de asielcentra duizenden mensen die er eigenlijk niet thuishoren (illegalen of personen die intussen een verblijfsvergunning gekregen hebben). Wat de instroom betreft, werden er vorig jaar 17.190 nieuwe asielaanvragen ingediend – één dossier kan betrekking hebben op meerdere personen -, een stijging met 40% t.o.v. 2008. Dit jaar ontving het CGVS al 11.855 asielaanvragen, zodat het jaartotaal van 2009 waarschijnlijk nog zal overtroffen worden. Van het vooruitzicht op financiële steun door de enkele indiening van een asielverzoek gaat onmiskenbaar een aanzuigeffect uit op gelukszoekers. Bovendien is bekend dat uitgeprocedeerde asielzoekers in ons land weinig risico lopen om effectief uitgewezen te worden. Het percentage gedwongen verwijderingen bedroeg tijdens de periode 2004-2008 slechts 11,6% van alle definitief afgewezen asielzoekers. Ook de aantrekkingskracht van de ‘ruimhartige’ – en onwettige! -regularisatiepraktijk mag niet onderschat worden. De idee leeft dat vroeg of laat toch iedereen ‘papieren’ krijgt. De voorbije vijf jaar werden bijna 60.000 illegalen geregulariseerd, terwijl er in de eerste helft van dit jaar al evenveel geregulariseerd werden als tijdens het volledige jaar 2009.
Voor het Vlaams Belang kan er van een nieuw spreidingsplan geen sprake zijn. Om misbruik van de asielprocedure tegen te gaan, is het Vlaams Belang voorstander van de opvang van asielzoekers in gesloten centra gedurende de volledige duur van de procedure. Het hanteren van een lijst van veilige landen en de toekenning van meer mensen en middelen aan de asielinstanties moeten het mogelijk maken om sneller een definitieve asielbeslissing te nemen, die in geval van afwijzing zo snel mogelijk moet gevolgd worden door de effectieve repatriëring naar het land van herkomst. Aan het feitelijk gedoogbeleid ten opzichte van illegaal verblijfmoet een einde komen en de onwettige regularisatiepraktijk moet onmiddellijk gestaakt worden. Tenslotte vraagt het Vlaams Belang dat er in de volgende regering één minister bevoegd wordt voor het volledige asiel- en immigratiebeleid.
Bruno Valkeniers
Voorzitter Vlaams Belang


Nieuws