Wie een overlevingspensioen ontvangt, mag slechts een beperkt bedrag bijverdienen door eigen arbeid. Minister Tobback weigert om de inkomensgrenzen op te trekken. Nochtans zouden heel wat weduwen en weduwnaars meer willen werken, indien ze zouden mogen. Maar blijkbaar is de activeringspolitiek van de regering dan toch niet zo’n prioriteit meer. Dat blijkt uit het antwoord van de minister na een interpellatie van Roel Deseyn.
Deze keuze staat in schril contrast met wat premier Verhofstadt antwoordde aan de lezers van het Nieuwsblad op 13 november 2004. Een vrouw confronteerde de premier met haar concreet geval. Zij heeft recht op een weduwepensioen waardoor zij op jaarbasis slechts 18000 euro mag bijverdienen. Verhofstadt antwoordde: “Weer een goed voorbeeld. Al die demotiverende remmingen gaan we afbouwen”.
Dat de premier in een persoonlijke confrontatie met de bevolking de waarheid niet durft te zeggen is onaanvaardbaar. Met zijn antwoord spreekt de Premier tegen wat er binnen de regering is beslist. Of heeft Verhofstadt na zijn ongeval last van geheugenverlies?
De premier gaat overigens nog een stap verder en geeft ook de timing waarbinnen hij dit wil gerealiseerd zien. Hij hoopt dat de sociale partners een akkoord sluiten in de lente van 2005, en mocht dat niet lukken, dan zal hij het voorstel er doorduwen in het parlement.
Met zulke uitspraken zet de premier het Parlement in zijn hemd, vertelt hij halve waarheden aan de bevolking en vertoont hij vooral een groot gebrek aan respect voor de waarheid en de democratie.
Roel Deseyn


Nieuws