PERSMEDEDELING
FREYA VAN DEN BOSSCHE
VLAAMS MINISTER VAN ENERGIE, WONEN, STEDEN
EN SOCIALE ECONOMIE
9 januari 2012
Groei windenergie terug op peil
Er zijn in 2011 in Vlaanderen bijna drie keer meer windturbines gebouwd dan het jaar ervoor. Bovendien zijn een aantal projecten die in het slop waren geraakt opnieuw vlot getrokken, zodat er nog eens 59 windturbines volledig vergund zijn en de komende maanden kunnen gebouwd worden. ‘Na een slecht jaar in 2010 zit de groei van windenergie opnieuw op het goede spoor’, zegt Vlaams minister voor Energie Freya Van den Bossche. ‘In het licht van de stijgende olieprijzen is het van groot belang dat we in Vlaanderen blijven investeren in onze eigen duurzame energieproductie.’
In 2011 zijn er in Vlaanderen 34 windturbines gebouwd. Daarnaast zijn ook een aantal vastgelopen dossiers opnieuw in gang geduwd, zodat er momenteel 59 windturbines volledig vergund zijn. Die nu kunnen gebouwd worden. Daardoor is het aantal operationele windturbines in Vlaanderen nu opgelopen tot 190. Als alle volledig vergunde windturbines dit jaar kunnen gebouwd worden, groeit dat aantal tot 249 windturbines eind 2012. Dat windmolenpark zal een totale capaciteit hebben van 500 MW, goed om het verbruik van ongeveer 250.000 gezinnen te dekken. Als we erin slagen alle geschikte windlocaties in Vlaanderen te benutten, kan die elektriciteitsproductie uit windenergie tegen 2020 nog eens meer dan verdubbeld worden.
Minister Van den Bossche is verheugd dat de groei van windenergie opnieuw op het goede spoor zit, want 2010 was een slecht jaar voor windenergie in Vlaanderen. Hoewel er nog een groot potentieel is voor windturbines, vooral dan op plaatsen waar ze nauwelijks overlast veroorzaken zoals in havengebied of langs snelwegen, werden er in 2010 slechts een tiental windturbines geplaatst. Die trage groei had vooral te maken met ingewikkelde procedures en met een gebrek aan communicatie tussen projectontwikkelaars, overheden, omwonenden en vergunningsverleners. Daarnaast veroorzaken projectaanvragen, zeker in gebieden waar veel projectontwikkelaars tegelijk een aanvraag indienen, begrijpelijke onrust en weerstand van omwonenden. Ook dat kan met beter overleg worden vermeden.
Daarom lanceerde Van den Bossche vorig jaar een Windplan, dat goede projecten via doorgedreven overleg en een herevaluatie van vergunningsaanvragen uit het slop moest halen.
Het plan van aanpak voorzag drie hoofdlijnen:
- De windwerkgroep, die geschikte windlocaties evalueert, is uitgebreid met alle betrokken vergunningverlenende en adviserende instanties. Op die manier worden ze onmiddellijk betrokken bij de evaluatie van de gebieden en kan er voor geschikte gebieden van bij het begin een optimale invulling geadviseerd worden.
- Specifiek voor de havengebieden, waar de helft van het Vlaamse windpotentieel zit, moet de windwerkgroep nagaan hoe de Vlaamse overheid geplande projecten maximaal kan faciliteren.
- Goede projecten die in het verleden zijn vastgelopen op administratieve of procedurele problemen worden door de windwerkgroep opnieuw bekeken, met als uitdrukkelijke bedoeling om ze alsnog geheel of gedeeltelijk te kunnen realiseren.
Van den Bossche is tevreden dat er, onder meer als gevolg van die vernieuwde aanpak, opnieuw meer windturbines gebouwd worden in Vlaanderen. Daarnaast verwelkomt ze het initiatief van de ministers van Ruimtelijke Ordening Philippe Muyters en van Leefmilieu Joke Schauvliege, die momenteel werken aan een zogenaamde ‘omgevingsvergunning’. Als die er komt, zullen projectontwikkelaars niet langer twee verschillende vergunningen moeten aanvragen vooraleer ze een windturbine kunnen bouwen.
‘Investeren in windenergie is niet alleen een absolute noodzaak om de Belgische doelstelling van 13 procent hernieuwbare energie tegen 2020 te helpen realiseren’, besluit Van den Bossche. ‘Zorgen voor onze eigen, hernieuwbare energievoorziening is ook de enige manier om het hoofd te bieden aan de stijgende prijzen van de fossiele brandstoffen op de internatonale markten.’
Zo, ..., de laatste tien jaren zijn de socialisten bezig geweest met het promoten van zonneenergie. We weten allemaal tot welke toestanden en kosten dit geleidt heeft voor de modale energieconsument.
Nu de meeste kaviaarsocialisten hun klauwen goed en wel bij de energieleveanciers in de kas hebben moeten absoluut de windmolens gepromoot worden. Binnen een vijf tot tiental jaren zullen we dan met het feit geconfronteerd worden dat de energiefactuur voor jan modaal nog eens met een factor twee is toegenomen, en dit niet door de energiekost maar enkel dooe de distributiekost.
De vergoedingen voor het langer openhouden van de kerncentrales zouden ten goede komen van de groene energieuitbouw. Dat is echter nooit gebeurd. De kosten zijn allemaal verhaald op de consumenten.
Ik ben niet tegen windmolens, wel integendeel. Het is alleen de manier waarop de socialisten dit weer misbruiken die schandalig is.
Ze waren een tijd geleden aan het fulmineren tegen de prijsstijgingen van de energie tot ze beseften dat ze zelf helemaal schuldig waren aan deze prijsstijgingen door de maatregelen die ze de laatste tien jaren zelf hadden doorgevoerd. Nu zijn ze, zonder zich te schamen, exact opnieuw hetzelfde aan het doen maar deze keer met de windenergie. Op een moment dat de subsidies voor de zonneenergie volop worden afgebouwd zijn ze volop aan het inzetten op deze andere kostelijke investeringstak. De consumenten zullen het geweten hebben!



Nieuws