80 procent Brusselaars positief over autoloze zondag
Steeds meer Brusselaars appreciëren de autoloze zondag. Uit een enquête bij 1.000 Brusselaars blijkt dat tachtig procent de autoloze dag een goed idee vindt. In 2003 bedroeg dat percentage 69 procent. Minister van Mobiliteit Pascal Smet (sp.a) is tevreden met het resultaat en zal de Brusselse gemeenten voorstellen om in bepaalde stadsdelen meer autoloze momenten te organiseren.
Het enquêtebureau IPSOS heeft na afloop van de autoloze zondag op 19 september bij 1.000 inwoners van het Brussels Gewest telefonisch gepeild naar hun appreciatie van autoloze zondag en andere mobiliteitsthema’s. De 1.000 respondenten zijn verdeeld over de verschillende gemeenten, taalgroepen, leeftijd en geslacht.
Tachtig procent van de respondenten zijn tevreden over autoloze zondag. Dat is aanzienlijk meer dan in 2003 toen het tevredenheidspercentage op 69 procent lag. 17,6 procent verklaarde ontevreden zijn, 2 procent had geen mening. 98 procent was op de hoogte van de organisatie van de autoloze dag.
70 procent heeft zich verplaatst tijdens autoloze zondag. Ze hebben zich vooral te voet verplaatst (64%), met het openbaar vervoer (34,8%) of met de fiets (25,4%). Bovendien verklaart 9 procent dat de autoloze zondag ze heeft aangezet om meer het openbaar vervoer te nemen. Nog eens de helft (49,6%) overweegt om over te stappen naar openbaar vervoer als het gratis is.
79,1 procent van de respondenten vindt de mobiliteitsproblemen in Brussel zorgwekkend. 74 procent noemt snelheid als een belangrijke oorzaak van ongevallen en 75,2 procent wil dat de snelheidscontroles worden voortgezet. 87,6 procent van de Brusselaars heeft problemen met het vinden van parkeerplaats.
Volgens Brussels mobiliteitsminister Pascal Smet bewijzen de resultaten dat de autoloze dag een succes is. “De bevolking neemt massaal deel en een steeds grotere groep apprecieert de organisatie van deze dag. Ik wil daarom ook dat we deze dag ook de komende jaren blijven organiseren en enkele stappen verdergaan. Om het succes duurzaam te maken, moeten we stap voor stap wijzigingen in het stadsbeeld doorvoeren. Ik denk bijvoorbeeld aan het verbinden van enkele stadscentra met elkaar door autoloze wandel- en fietslanen. Ik zal dit tijdens de komende weken aan de gemeenten voorstellen. Met infrastructurele veranderingen kun je interessante en aangename plaatsen creëren. Zo geef je aan mensen de mogelijkheid om te kunnen genieten van verschillende autoloze zondagen.”
René Konings


Nieuws